Publications
Waarheen wil Europa met kernenergie? Stephan Slingerland en Christoph Tönjes
De verkiezingen in Duitsland zijn van groot belang voor Europa. Dat geldt in het bijzonder voor een aspect: kernenergie. De formatie nu na de verkiezingen kan een kentering betekenen in de houding in Europa tegenover kernenergie.
Energiebeleid was de afgelopen jaren een van de speerpunten van de rood-groene regering in Duitsland. Onder meer door de invloed van de Gruenen heeft de regering de afgelopen jaren ingezet op hernieuwbare energiebronnen. Ook kwam zij met de Duitse elektriciteitsbedrijven een Atomausstieg overeen: de Duitse kerncentrales zouden na een gemiddelde bedrijfsduur van 32 jaar geleidelijk van het net worden gehaald.
Dat energiebeleid was in binnen-en buitenland niet onomstreden. Binnenlands vanwege de hoge elektriciteitsprijzen, buitenlands vanwege de instabiliteit van het elektriciteitsnet die de grote hoeveelheid Duitse windturbines daar veroorzaakt. Desondanks was de rood-groene regering van plan het huidige energiebeleid voort te zetten, wanneer zij opnieuw het mandaat zou krijgen, inclusief het gefaseerde afscheid van kernenergie. De CDU/CSU daarentegen wil af van de afspraken over kernenergie. Volgens partijleider Merkel moet kernenergie ook in de toekomst deel uitmaken van de Duitse energiemix.
Het is nog niet zeker wie in Duitsland aan de macht komt. Rood-groen is verslagen, en de door Merkel beoogde zwart-gele coalitie van CDU/CSU met FDP heeft evenmin een meerderheid gekregen. Een coalitie van SPD en Groenen met de FDP is door de laatste partij al uitgesloten. Zwart-geel-groen lijkt buitengewoon lastig. Breekpunt daar kunnen juist de grote verschillen op energiegebied zijn.
De meest waarschijnlijke optie lijkt een grote coalitie. Op energiegebied lijken de verschillen tussen de twee partijen overbrugbaar. Van oudsher is de SPD de partij van de steenkoolsubsidies, vanwege de traditioneel grote aanhang onder de mijnwerkers in het Roergebied. De stellingname van de SPD voor hernieuwbare energie en tegen kernenergie, lijkt meer ingegeven door de huidige coalitiepartner dan dat hiervoor vanuit verkiezingsstrategische overwegingen een noodzaak bestaat. De Atomausstieg lijkt voor de SPD een onderhandelingspunt waarvan het denkbaar is dat dit wordt opgegeven in ruil voor het zekerstellen van de steenkoolsubsidies.
Mocht dat gebeuren, dan krijgt Merkel op energiegebied haar zin en komt er een omslag in het beleid ten opzichte van kernenergie in Duitsland. Daarmee zou Duitsland zich voegen in een rij Europese landen waarin de laatste tijd het denken over kernenergie veranderd is. In Nederland wordt gesproken over een deal waarbij de kerncentrale in Borssele van de regering langer mag openblijven in ruil voor investeringen in hernieuwbare energie door de eigenaren van deze centrale.
Ook in Belgie en Zweden worden inmiddels vraagtekens gezet bij de geplande uitfasering van kernenergie. Worden deze vraagtekens omgezet in beleid, dan zijn daarmee, met uitzondering van Spanje, alle voorziene uitfaseringen van kernenergie in Europa van de baan. Dat betekent een omslag in de tendens die tot voor kort in Europa zichtbaar was, namelijk dat kernenergie binnen de EU zijn langste tijd gehad leek te hebben.
De op handen zijnde omslag in het denken over kernenergie in Europa lijkt eerder de uitkomst van een geleidelijk proces, dan dat er een heldere visie over de rol van kernenergie in de EU aan ten grondslag ligt. Het langer openhouden van kerncentrales betekent namelijk niet dat alle bestaande vraagstukken rond deze energiebron, zoals de afvalproblematiek, het risico op ongevallen, non-proliferatie en mogelijke aanslagen door terroristen, zijn opgelost. De vraag blijft daarom of kernenergie een energiebron voor de toekomst is. En als het 'nee' in veel Europese landen aan het omslaan is in een 'voorlopig ja', voor hoe lang geldt dat 'ja' dan wel?
Het lijkt daarom goed dat er een breder debat wordt gevoerd over de toekomst van deze energiebron. Punten voor dit debat zijn onder meer:
- Stimuleert of blokkeert het langer openhouden van kerncentrales de ontwikkeling van hernieuwbare energiebronnen?
- Opent het langer openhouden van kerncentrales de deur voor de bouw van nieuwe kerncentrales?
- Kan Europa zonder kerncentrales en, zo ja, op welke termijn? En zo nee, kunnen de bestaande vraagstukken rondom kernenergie in de toekomst worden opgelost?
- Moeten de Europese onderzoeksfondsen gestoken worden in kernenergieonderzoek of niet?
- Welke rol spelen de ontwikkelingen buiten Europa voor kernenergie binnen de EU?
De Duitse verkiezingen zijn een goede aanleiding dit hoogst noodzakelijke Europese debat over kernenergie eindelijk te voeren.
